DNA van nu

Michel van der Aa laat zich niet gemakkelijk in een hokje stoppen. Als pas afgestudeerd componist nam hij een sabbatical om aan de Filmacademie verder te studeren, omdat zijn ideeën nu eenmaal verder reiken dan de klankwereld alleen. Inmiddels is hij uitgegroeid tot een van de meest gevierde Nederlandse componisten en heeft hij zich ontwikkeld tot multidisciplinair kunstenaar pur sang.

Zo toont zijn opera Sunken Garden (2011) een surrealistische onderwereld in 3D-film. The Book of Sand (2015) is een digitale, interactieve liedcyclus waarin drie parallelle filmlagen voortdurend nieuwe gezichtspunten onthullen, waardoor je steeds een ander pad door het verhaal kunt kiezen. Afgelopen oktober ontving Van der Aa de prestigieuze Johannes Vermeerprijs. Het juryrapport roemt ‘de baanbrekende rol die hij speelt in het muziekleven, zowel in Nederland als internationaal, en de vanzelfsprekendheid waarmee de componist zijn muzikale idioom weet te combineren met beweging, film, internet, theater, elektronica en visuele elementen’.

Momenteel werkt Van de Aa aan zijn zesde muziektheaterproductie, Blank Out, die tijdens het Opera Forward Festival in première zal gaan. In deze opera voor sopraan, bariton, koor en 3D-film verkent hij nieuwe mogelijkheden om de werelden van live theater en film te versmelten.

Foto: Bowie Verschuuren

Verdwijnen in de film

Michel van der Aa ontvangt thuis in zijn appartement op IJburg. Zijn vrouw is momenteel in Los Angeles, naast een drukbezet componist-regisseur met naderende deadline, is hij dus ook even een alleenstaande huisvader. De kinderen zijn net naar bed, de woonkamervloer ligt nog bezaaid met blokkentorens en racebanen. Op onze tenen sluipen we de trap op naar zijn thuisstudio met opnameapparatuur, een elektrische piano en een indrukwekkende wand met modulaire synthesizers. Op tafel ligt een slordige stapel met bladmuziek, het filmscript van Blank out en een rijtje boeken van en over Ingrid Jonker, de Zuid-Afrikaanse dichter op wiens tragische leven de opera losjes is gebaseerd.

De afgelopen week was uitputtend voor Van der Aa. Hij heeft vier lange draaidagen achter de rug met een filmcrew van 25 man. In Friesland schoten ze 3D-dronebeelden – een primeur in Nederland. ‘Het was erg zwaar, elke keer denk ik weer: “dat ga ik nooit meer doen”. Je hebt geen speelfilmbudget, slechts beperkte middelen en een team dat werkt voor bescheiden gages. We maken draaidagen van 14 uur, maar de sfeer is heel goed, iedereen beukt gewoon door. Tijdens zulke dagen zetten we alles op alles. Het is wel lastig om de volgende dag de rust en concentratie te vinden om weer verder te componeren.’

De compositie van Blank out is bijna af, echter één cruciale scène ontbreekt nog. ‘De climax moet ik nog schrijven. Ik heb er al veel ideeën voor, maar deze 10 minuten moeten écht heel goed worden. Tegelijkertijd dienen de filmbeelden gemonteerd te worden. Die processen lopen parallel. Soms denk ik: “had ik maar gewoon een partituur overhandigd, dan was ik nu klaar”. Maar ik heb nu eenmaal ook veel visuele ideeën.’

Foto: Bowie Verschuuren

In Van der Aa’s werk zijn compositie, filmscript en podiumregie onlosmakelijk met elkaar verbonden. De verschillende creatieve processen vinden gelijktijdig plaats. ‘Vandaag hebben we geëxperimenteerd met verschillende schermafmetingen – die hebben grote consequenties: in de voorstelling moet er een levendige interactie ontstaan tussen de zangeres op het podium en een zanger op het scherm. Ik wil dat zij in de film kan verdwijnen. Tijdens de eerste fase van een project probeer ik vooral te dromen en me niet te laten afremmen door praktische consequenties. Inmiddels verloopt het maakproces volgens een vast stramien: ik bedenk iets, vervolgens gaan een heleboel mensen eerst heel hard lachen, en uiteindelijk blijkt het toch te kunnen.’

Spelen met spiegelwerelden

In onze huidige tijd lijken alle begrenzingen voor een componist weggevallen. Men kan ’s ochtends impressionistisch componeren, ’s middags een serialist zijn en ’s avonds dikke dubstep maken. Die keuzemogelijkheden kunnen ook verlammend werken. Hoe vindt je als operamaker met eclectische interesses je begrenzingen? Hoe kies je je medium en je instrumentarium?

‘Met het idee voor Blank out loop ik al heel lang, nog voordat ik aan Sunken Garden begon. Pas later ging ik nadenken over hoe ik het wil vormgeven. Het verhaal is gesitueerd in 1976, de filmtaal ademt deze periode door allerlei stijlreferenties. Ook voor de muziek heb ik gebruikgemaakt van apparaten uit die tijd, dat is een muzikale begrenzing. Vroeger produceerde ik al mijn elektronica digitaal, maar dat werd te makkelijk, daarom ging ik op zoek naar een nieuwe kleur. Het mooie aan modulaire synthesizers is dat je alle onderdelen uit de keten zelf kunt selecteren. Ik kan urenlang totaal verdwijnen in dat ding: kabels steken, modules met elkaar verbinden en filters vergelijken. Er kleeft een menselijke, organische kwaliteit aan de geluiden ervan. Toch miste ik op een gegeven moment een extra laag. Tijdens het componeerproces heb ik daarom het Nederlands Kamerkoor toegevoegd dat uiteindelijk een heel prominente plaats in de compositie heeft gekregen.’

Ondanks verwijzingen naar het verleden zal Blank out zeker niet retro aandoen. ‘Als je nu opera maakt, moet het ook nu aanspreken. In mijn werk probeer ik daarom een hedendaagse taal, het DNA van nu, te gebruiken. In de compositie wissel ik bijna atonale, abstracte koordelen af met pulserende beats. Op het podium smelt live 3D-film samen met een zangeres van vlees en bloed. Zo ontstaan er spiegelwerelden waarmee ik speel als op een Escher-schilderij.’

Ultieme integratie van theater en film

Je zou kunnen zeggen dat het meest wezenlijke aspect aan theater de kracht van de verbeelding is – je ziet een blauwe lap, maar wordt uitgenodigd de zee te verbeelden. Is Van der Aa niet bang dat zijn technologische innovaties de verbeelding van de toeschouwer in de weg zullen staan?

‘De set die we gebruiken is heel rudimentair, totdat je er een camera op zet. Het hele toneelbeeld blijft een hoge mate van abstractie houden. Ook het libretto is heel vrij, met een poëtische laag dankzij de gedichten van Jonker. Tijdens het maakproces zoek ik steeds naar de juiste dichtheid van beeldinformatie. Het beeld mag de muziek niet in de weg zitten – het blijft opera – maar ik denk dat je in deze opera niet om de muziek heen kan.’

Filmstill uit Blank Out met Roderick Williams. Foto: Joost Rietdijk

Van der Aa denkt kort na voor hij verder gaat. ‘3D-techniek belichaamt voor mij de ultieme integratie van theater en film. Op dit moment wordt nieuwe software geschreven die live beelden moet gaan combineren met vooraf opgenomen materiaal. Zo kunnen we letterlijk twee ruimtes aan elkaar koppelen en beelden naar de andere wereld laten oversteken. Pas als de toeschouwer zijn 3D-bril opzet, komen alle lagen samen.’

Opera is een elastisch begrip

De afgelopen jaren heeft Van der Aa een heel eigen publiek opgebouwd. Was dat lastig? ‘Ik ben heel gelukkig over hoe het gaat. Tegelijkertijd merk ik dat er ook best gretig wordt gekeken naar het moment dat je zou kunnen vallen. Sunken Garden kreeg in de internationale pers 1 óf 5 sterren, niks ertussenin. Bij veel hardcore operapubliek valt mijn werk niet in de smaak en bij een deel van het nieuwe-muziek-publiek wordt je niet serieus genomen zodra je beats gebruikt. Ik probeer zo zuiver mogelijk mijn eigen ideeën te verwerkelijken en denk er niet meer zoveel over na of het nog wel proper opera is. Dat interesseert me ook niet, ik wil een verhaal vertellen. Bovendien is opera een elastisch begrip. Gelukkig komt er een heel nieuw publiek op mijn werk af. Jongeren voor wie genres niet meer belangrijk zijn en die luisteren naar Bach, Haas én Aphex Twin. Dat is een ontwikkeling waar ik heel blij mee ben.’


Blank Out
ging op 20 maart 2016 in première in het Muziekgebouw aan ’t IJ.

Volg Michel van der Aa op: www.vanderaa.net | Twitter: @vanderaanet