Theater van de Machtelozen

Als politici, waar dan ook ter wereld, hun land omschrijven als een paradijs waar iedereen gelukkig is, loont het om er een kijkje te nemen in obscure galeries, de kleine zaal in een filmhuis en om eens goed te letten op de subtekst van een theaterstuk of opera. Want daar, in de schaduw, gaat een geheel eigen wereld schuil.

De maatschappij is een heel mysterieus wezen met vele gezichten en geheime mogelijkheden … en het is extreem kortzichtig te geloven dat het gezicht dat de maatschappij jou op een bepaald moment toont haar enige ware gezicht is. Geen van ons kent alle mogelijkheden die sluimeren in de geest van het volk.’

In 1987 schreef Václav Havel, de inmiddels overleden oud-president van Tsjechië (voorheen Tsjecho-Slowakije), deze woorden. Dat was twee jaar voordat Havels politieke beweging ‘Burgerforum’ tijdens de Fluwelen Revolutie in 1989 het communistische regime omverwierp. Havel doelde op het gemak waarmee toeschouwers zich kunnen vergissen in de geest van een op het eerste gezicht ‘makke’ bevolking. Bestond de Sovjet-Unie immers niet slechts uit gelukkige arbeiders die eensgezind achter hun leiders stonden? En dachten wij ook niet, vóór de Arabische revoluties, dat de bevolkingen van Tunesië, Egypte, Jemen en Libië gewillig een deel van hun vrijheden opofferden voor een stabiel land verenigd onder een geliefd dictator?

Onder de oppervlakte
Het is ook niet verwonderlijk dat we ons daarin vergissen. Kunnen acteren is immers van levensbelang voor eenieder die leeft onder een autoritair systeem. Jaknikken, juichen voor leiders, vereren van de partij en bovenal zonder morren doen wat er van je gevraagd wordt, zijn in veel landen essentiële strategieën voor een veilig leven. Zij die het spel goed meespelen kunnen rekenen op extraatjes van de machthebbers. Bovendien ontlopen zij zo het wrede lot van dissidenten: sociaal isolement, werkloosheid, beperkte toegang tot levensmiddelen en, in het ergste geval, ballingschap, gevangenis of de doodstraf.

In het publieke domein is het gedrag van onderdrukten vaak heel anders dan in de privésfeer, zonder toeziend oog van de machthebber. In zijn boek Domination and the Arts of Resistance: Hidden Transcripts noemt sociaalwetenschapper James Scott dit het verschil tussen het publieke en het geheime transcript. Maar hoe kom je als buitenstaander, als journalist, achter dit ‘geheime transcript’? Hoe ontdek je het ware sentiment van een onderdrukte groep?

Gelukkig is er één domein waar het volk dit sentiment af en toe durft te tonen; dat van de kunsten. Voor hen die bereid zijn te kijken achter de façade van conformiteit, valt veel te zien. Denk aan de talloze verhalen, liederen, gebaren, grapjes en theaterstukken die gecreëerd worden onder de oppervlakte van een autoritaire maatschappij. Scott noemt dit ‘het theater van de machtelozen’.

Doble Sentido
In Cuba bijvoorbeeld, maken veel artiesten gebruik van dubbele boodschappen en geheime betekenissen om hun ware gevoelens te uiten. Zij noemen dat ‘doble sentido’. Omdat de machthebbers groot zijn geworden tijdens de communistische revolutie in 1959 en sindsdien strooien met termen als ‘vrijheid’, ‘gelijkheid’, en ‘rechtvaardigheid’, is het voor Cubanen mogelijk om hun geheime boodschappen te verpakken in een publiekelijk geaccepteerd discours, dat niet goed te censureren valt. Javier is een Cubaanse videokunstenaar die in zijn animaties regelmatig gebruikmaakt van doble sentido. Hij legt uit dat ‘kunst in Cuba vele ondertonen heeft die het volk herkent, maar de machthebbers niet, omdat zij verder verwijderd zijn van de populaire cultuur.’

Campagnebeeld Mayo Teatral, 2012. Kunstenaar: Nelson Ponce

Een voorbeeld hiervan is het campagnebeeld van de door jonge theatermakers georganiseerde ‘theatermaand’ in mei 2012, dat te zien was boven enkele theaters in de stad en zelfs in een van Havana’s brede straten in de wijk Vedado. De poster toont een menigte gelijkend op de massa’s die op 1 Mei (Internationale Arbeidersdag) het befaamde Plein van de Revolutie vullen. Op die dag zijn Cubaanse arbeiders min of meer verplicht deel te nemen aan een grote parade voor de partijleiders. Zij die niet komen opdagen lopen het risico hun baan te verliezen, of op zijn minst met de nek te worden aangekeken door leden van het buurtcomité van de communistische partij. Echter, in plaats van de vlaggetjes die men op 1 Mei krijgt uitgedeeld waarop ‘Allen naar het Plein!’ staat, houdt de massa op deze poster vlaggen en spandoeken vast met ‘Allen naar het Theater!’. Dit leidde tot een hoop gegrinnik van het jonge publiek voor de theaterdeuren. In een mum van tijd waren de ironische posters en tote bags uitverkocht.

Dat theater in Cuba een plek is waar veel geheime kritiek op het regime wordt geuit, bleek ook in 2015 toen het toneelstuk El Rey se Muere (De koning sterft) van regisseur Juan Carlos Cremata het licht zag. Het stuk is een Cubaanse vertaling van een 50-jaar oude voorstelling van de Roemeens-Franse toneelschrijver Eugène Ionesco en gaat over een koning die al 200 jaar aan de macht is. Vroeg in het stuk krijgt de koning te horen dat hij stervende is, net als zijn koninkrijk, dat hij langzaam om zich heen ziet instorten. De koning blijft echter stug ontkennen dat hij zal sterven en dus de macht dient op te geven. Zelfs voor een buitenstaander zijn de vergelijkingen met het huidige Cuba, waar dezelfde familie al sinds 1959 aan de macht is, en waar de ooit zo prachtige gebouwen deels tot ruïnes zijn verworden, makkelijk gemaakt. Iets te gemakkelijk, bleek toen het populaire theaterstuk al na enkele vertoningen gecensureerd werd. 

Cubalandia
Zelf bezocht ik in 2012 het toneelstuk Cubalandia van de absurdistische theatergroep El Ciervo Encantado. In Cubalandia staat ‘Yara la China’ centraal, een schaars geklede extravagante onderneemster die het publiek toeristische reizen door Cuba wil verkopen. Reizen die het jonge Cubaanse theaterpubliek met hun schamele salaris nooit zou kunnen betalen. Terwijl het publiek lachend als een boer met kiespijn aanhoort hoe duur de excursies zijn, onthult Yara een poster met de afbeelding van de gebroeders Castro. De ondertitel luidt: ‘De revolutie, weerzinwekkend en victorieus, gaat voorwaarts!’ Op de achtergrond zien we haar koopwaar, een kaart van Cuba: de uitverkoop van het eiland als een wanhopige poging tot overleven.